Pink Floyd klinkt opnieuw magisch
Pink Floyd
Na twintig jaar komt Pink Floyd met een nieuwe cd. ‘The Endless River’ is een collage van oude opnamen, aaneengeregen met nieuwe gitaar- en drumpartijen. Ondanks die fragmentarische geschiedenis is het een bevlogen album.
Door Jan Vollaard
Wat weinigen voor mogelijk hadden gehouden wordt op 7 november werkelijkheid: er verschijnt een nieuw album van Pink Floyd. In de twintig jaar sinds The Division Bell werd op het creatieve vlak weinig vernomen van de progressieve rockband uit het Engelse Cambridge. Bassist Roger Waters, vervreemd van zijn eigen band sinds The Final Cut uit 1983, toerde de wereld rond met zijn live-extravaganza The Wall. De resterende bezetting van Pink Floyd noemde hij neerbuigend „The Muffins”. De strijdbijl werd eventjes begraven toen de vier bandleden in juli 2005 eenmalig bij elkaar kwamen voor een concert tijdens Live 8, ten bate van de charitatieve campagne Make Hunger History. Drie jaar later overleed toetsenman Rick Wright aan kanker en leek het afgelopen met Pink Floyd. Totdat gitarist Dave Gilmour stuitte op de tapes die in 1994 waren overgebleven na de opname van The Division Bell.
Lange tijd deed het gerucht de ronde dat er bij die sessies een schat aan restmateriaal was overgebleven, bij groepsimprovisaties die Gilmour, Wright en drummer Nick Mason hadden gehouden om nieuw materiaal te ontwikkelen. De muziek klonk ‘ambient’ en centreerde zich rond de piano- en synthesizerpartijen van Wright. In eerste instantie was het de bedoeling dat The Division Bell als dubbelalbum uit zou komen, met het instrumentale materiaal erbij. Dat gebeurde niet, maar een technicus stelde uit de tapes een compilatie samen die, wegens het rustgevende karakter van de muziek, The Big Spliff (de grote joint) werd gedoopt. De tapes bleven in de kluis.
Afgelopen juli verbrak Polly Samson, Gilmours echtgenote en de tekstschrijfster van recent Pink Floyd-materiaal, de stilte. „Pink Floyd album komt uit in oktober, gaat The Endless River heten”, twitterde zij. „Gebaseerd op 1994 sessies, is zwanenzang van Rick Wright en erg mooi.” Het 53 minuten lange album bevat vier ‘sections’ waarvan alleen de laatste, met zang van Gilmour en een tekst van Samson, niet volledig instrumentaal is. Het album is opgedeeld in achttien titels als Things left unsaid, The lost art of conversation en (het zangnummer) Louder than words. Het betreft een zorgvuldig in elkaar gepaste collage van oudere opnamen. Ook was er een tape waarop Wright het grote pijporgel van The Royal Albert Hall bespeelde bij een soundcheck in 1969. Als laatste actie speelden Mason en Gilmour nieuwe drum- en gitaarpartijen om het bestaande materiaal aan elkaar te rijgen.
Woonboot
The Endless River is een ode aan hun vriend Rick Wright en de laatste kans om Pink Floyd in deze combinatie aan het werk te horen, verklaarde Gilmour tijdens een persconferentie in Londen. Producers Youth, Phil Manzanera en Andy Jackson werkten onder meer op Gilmours woonboot Astoria in de Theems, waar ook The Division Bell grotendeels werd opgenomen. Het eindresultaat is nadrukkelijk anders dan The Big Spliff maar maakt in sommige gevallen wel gebruik van hetzelfde bronmateriaal. Het ambientkarakter is naar de achtergrond gedrongen om er een echte, vol klinkende Pink Floyd-plaat van te maken. De sessies duurden twee jaar, met forse denkpauzes tussendoor waarin Mason en Gilmour zich afvroegen of ze aan de hoge standaard van Pink Floyds vroegere materiaal konden voldoen.
Het Farfisa-orgel, de dromerige piano en later de synthesizerpartijen van Rick Wright werden belangrijke steunpilaren voor Pink Floyd na het vertrek van Syd Barrett, de zanger/gitarist die in de beginjaren zijn stempel als songschrijver op de band drukte. Barrett verliet de band in 1969 nadat overmatig gebruik van lsd hem paranoïde en voor muziek maken ongeschikt had gemaakt. Dave Gilmour, zijn oude vriend uit Cambridge, verving hem bij Pink Floyd en produceerde twee soloalbums waarmee Barrett een lange periode van kluizenaarschap inluidde. Bij een sessie voor Wish You Were Here (1975) verscheen hij plotseling in de studio: dikker en kaler dan vroeger en nog steeds niet aanspreekbaar. Rick Wright werd behalve als toetsenman prominenter als zanger in stukken als Remember a day, Echoes en het aan Barrett opgedragen Shine on you crazy diamond. Het contemplatieve pianospel in The great gig in the sky, voor velen het hoogtepunt van Pink Floyds succesalbum The Dark Side Of The Moon, is van Wright.
„Niemand kan Richard Wright vervangen”, schreef Dave Gilmour in 2008 bij het overlijden van de toetsenman. „In de discussie over wat Pink Floyd uniek maakt, wordt vaak vergeten hoe belangrijk Ricks bijdrage was. Zijn soulvolle stem en bezielende speelstijl waren vitale onderdelen van onze muziek.” Nick Mason roemt in zijn autobiografie Inside Out de samenbindende factor die Rick Wright was. „Hij bracht de herkenbare, vloeiende klankkleur die door veel mensen werd herkend als typisch Pink Floyd. Inspiratie is belangrijker dan techniek, was zijn filosofie. Technisch betere toetsenmannen konden zijn spel reproduceren, maar niemand kon bedenken wat Rick bedacht.”
Dictator
In november 1996, bij het verschijnen van zijn soloalbum Broken China, was Rick Wright in Amsterdam en sprak hij terughoudend over zijn rol in Pink Floyd. Officieel had hij de band in 1979 verlaten, na onenigheid over zijn betrokkenheid bij sessies waar Roger Waters zich steeds meer als een dictator begon te gedragen. In 1980-’81 speelde hij als gehuurd sessiemuzikant op de The Wall-tournee en was hij door die constructie het enige oorspronkelijke groepslid dat geld overhield aan de verliesgevende tour. Na het vertrek van Waters werd hij weer nauwer betrokken bij het bandgeluid, met compositorische bijdragen aan The Division Bell. Wright beschouwde Pink Floyd niet langer als zijn levensvervulling, vertelde hij twee jaar later in Amsterdam. Solowerk en zijn persoonlijk leven waren hem minstens zo dierbaar.
In de sfeer van geheimhouding die rond The Endless River wordt gehandhaafd, bood platenmaatschappij Warner de gelegenheid het album één keer te beluisteren. De eerste indruk is dat Dave Gilmour en Nick Mason er op wonderbaarlijke manier in geslaagd zijn de magie van Pink Floyd naar het heden te halen. Sectie 1 voert met Wrights ijle trompetgeluid uit het Farfisa-orgel en de lyrische slidegitaar van Gilmour onmiddellijk terug naar de sfeer van Wish You Were Here. De stemmen aan het begin en het geluid van branding en wind herinneren aan het belang van geluidseffecten in Pink Floyds eerdere muziek.
Sectie 2 haalt het psychedelische experiment uit de jaren zestig terug. De groove is die van een sixtiesjam waarbij beelden van vloeistofdia’s en het Kralingen-festival in gedachten schieten. De experimentele passage in het midden herinnert aan Echoes, het langgerekte stuk dat een hele plaatkant van het album Meddle (1971) in beslag nam. Harde pianoakkoorden en staccatoviolen laten de muziek weer een heel andere richting in slaan. Op sectie 3 biedt een kabbelende Rhodes-piano de aanloop naar de kerkorgelopnamen uit de Albert Hall anno 1969, waarin een naar Bach neigende statigheid wordt overspoeld door synthesizers die direct uit Dark Side Of The Moon afkomstig lijken.
‘Make sure we keep talking’, klinkt een stemfragment voordat zich op sectie 4 een pianomelodietje losmaakt uit zweverige keyboardklanken. Na een frivool huppelmelodietje op akoestische gitaar zingt Gilmour een somber slotstuk met een overduidelijk door Pink Floyds bandverleden geïnspireerde tekst: ‘We bitch and we fight (...) but the beat of our hearts is louder than words.’ Een solo met een verre echo van Comfortably numb besluit het geheel.
The Endless River is ondanks de fragmentarische ontstaansgeschiedenis een volwaardig Pink Floyd-album dat niet zo groots en meeslepend is als Dark Side Of The Moon, maar dat bevlogener uitpakt dan de band in dertig jaar heeft geklonken. Dave Gilmour verklaarde plechtig dat dit het laatste album is. Zonder Rick Wright mag het geen Pink Floyd meer heten.
hoesontwerp The Endless River
Het hoesontwerp van The Endless River is van de 18-jarige Egyptische kunstenaar Ahmed Emad Eldin. Tot The Division Bell liet Pink Floyd de meeste hoezen ontwerpen door designstudio Hipgnosis en fotograaf Storm Thorgerson, maar die overleed in 2013. Eldins werk kwam onder de aandacht van Pink Floyds art director via de website Behance. De jonge kunstenaar bleek een fan van de band. Zijn beeld van een man die een bootje bestuurt over de wolken, een vrij werk, bleek wonderlijk goed te passen bij het thema van The Endless River en Thorgersons werkwijze om ideeën voor een hoes met acteurs in scène te zetten. Ook Eldin werkt op die manier: hij maakte eerst een schets en stelde het uiteindelijke kunstwerk samen door fotomanipulatie.
Pink Floyd: The Endless River
verschijnt 7 november bij Warner
Dit artikel is verschenen in het NRC Handelsblad van donderdag 6 november 2014 op pagina 10 & 11
http://zoeken.nrc.nl/article-locations?locations=%7B%22channel%22%3A%22losse-artikelen%22%2C%22medium%22%3A%22web%22%7D&redirect=true&urn=urn%3Anews-item%3Anrchandelsblad%3A20141106%3ANH_ART0000000000000000001435367
vrijdag 7 november 2014
vrijdag 24 oktober 2014
Veronica - Concert Ahoy 31-aug -2914
Precies 40 jaar gelden dat Veronica moest stoppen , the day the music died.
Veronica - 18 april special
DVD over 18 april 1973.
Veronica - een documentatie over de eerste 10 jaar
DVD + CD Top 40 1965-1974.
Veronica - The day the music died
DVD gekocht bij Concert op 31-aug-2014 in Rotterdam
Een 135 minuten durend themaprogramma over het fenomeen zendschip, uitgezonden door Veronica op 17 augustus 1977.
Een 135 minuten durend themaprogramma over het fenomeen zendschip, uitgezonden door Veronica op 17 augustus 1977.
Tegenlicht - Gratis Geld
VPRO, 21-sep-2014
Stel dat we iedereen in Nederland een basisinkomen geven, zonder voorwaarden. Klinkt te mooi om waar te zijn? Tegenlicht verkent de mogelijkheden.
Stel dat we iedereen in Nederland een basisinkomen geven, zonder voorwaarden. Klinkt te mooi om waar te zijn? Als we weten dat een deel van de bestaande banen gaat verdwijnen door robotisering en algoritmes, en dat het huidige stelsel van uitkeringen- en toeslagen te complex en beschuldigend en fraudegevoelig is, is het dan niet tenminste het onderzoeken waard?
Volgens Erik Brynjolfsson van het MIT Center for Digital Business staat onze westerse samenleving op de drempel van een nieuwe tijd. Het zijn niet langer alleen de fysieke werkzaamheden die steeds meer door machines gedaan worden; robots en algoritmes gaan ook steeds meer middenklasse-werk verrichten. Accountants en kantoorpersoneel maar ook advocaten en beurshandelaren en ingenieurs zullen steeds meer moeten gaan omzien naar ander werk.
(abonneer je op de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van nieuwe afleveringen)
Maar omdat onze samenlevingen in de laatste dertig jaar steeds rijker zijn geworden, is dit wellicht juist een uitgelezen moment om eens te gaan doordenken over een ander sociaal stelsel, dat beter is toegerust op de huidige tijd. Zou een basisinkomen de hoeksteen kunnen zijn van een nieuwe maatschappelijke structuur? Een sociaal model waarin niet eindeloos uitkeringen en toeslagen worden rondgepompt (80% van de Nederlandse huishoudens krijgt momenteel één of andere vorm van toeslag)? En waarin we mensen niet langer dwingen tot zoeken naar banen die niet meer bestaan?
In het Canadese dorp Dauphin kregen duizend mensen (één derde van de bevolking) tussen 1974-1978 zo nodig een aanvullende uitkering, zonder tegenverplichting. En wat bleek? De deelnemers bleven grotendeels werken of gingen meer studeren, en ze waren minder vaak ziek of depressief. Tegenlicht regisseur Shuchen Tan toog naar Canada en sprak met projectleider Ron Hikel, onderzoekster Evelyn Forget en families die toentertijd deelnamen aan het sociale experiment.
Wat zou er gebeuren als we de bevindingen van dit Mincome project doortrekken naar Nederland anno 2014? Samen met econoom Marcel Canoy, voormalig adviseur van Barroso, berekent Tegenlicht wat invoering zou kosten: is het haalbaar en betaalbaar? En we nemen een kijkje bij de Vereniging Basisinkomen, waar twee generaties elkaar vinden in de eerste kiemen van wat onze sociale toekomst zou kunnen worden.
Regie: Shuchen Tan
Research: William de Bruijn
Productie: Marie Schutgens en Jessica van Beek
Eindredactie: Henneke Hagen en Frank Wiering
Animaties: Rogier Klomp
Stel dat we iedereen in Nederland een basisinkomen geven, zonder voorwaarden. Klinkt te mooi om waar te zijn? Tegenlicht verkent de mogelijkheden.
Stel dat we iedereen in Nederland een basisinkomen geven, zonder voorwaarden. Klinkt te mooi om waar te zijn? Als we weten dat een deel van de bestaande banen gaat verdwijnen door robotisering en algoritmes, en dat het huidige stelsel van uitkeringen- en toeslagen te complex en beschuldigend en fraudegevoelig is, is het dan niet tenminste het onderzoeken waard?
Volgens Erik Brynjolfsson van het MIT Center for Digital Business staat onze westerse samenleving op de drempel van een nieuwe tijd. Het zijn niet langer alleen de fysieke werkzaamheden die steeds meer door machines gedaan worden; robots en algoritmes gaan ook steeds meer middenklasse-werk verrichten. Accountants en kantoorpersoneel maar ook advocaten en beurshandelaren en ingenieurs zullen steeds meer moeten gaan omzien naar ander werk.
(abonneer je op de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van nieuwe afleveringen)
Maar omdat onze samenlevingen in de laatste dertig jaar steeds rijker zijn geworden, is dit wellicht juist een uitgelezen moment om eens te gaan doordenken over een ander sociaal stelsel, dat beter is toegerust op de huidige tijd. Zou een basisinkomen de hoeksteen kunnen zijn van een nieuwe maatschappelijke structuur? Een sociaal model waarin niet eindeloos uitkeringen en toeslagen worden rondgepompt (80% van de Nederlandse huishoudens krijgt momenteel één of andere vorm van toeslag)? En waarin we mensen niet langer dwingen tot zoeken naar banen die niet meer bestaan?
In het Canadese dorp Dauphin kregen duizend mensen (één derde van de bevolking) tussen 1974-1978 zo nodig een aanvullende uitkering, zonder tegenverplichting. En wat bleek? De deelnemers bleven grotendeels werken of gingen meer studeren, en ze waren minder vaak ziek of depressief. Tegenlicht regisseur Shuchen Tan toog naar Canada en sprak met projectleider Ron Hikel, onderzoekster Evelyn Forget en families die toentertijd deelnamen aan het sociale experiment.
Wat zou er gebeuren als we de bevindingen van dit Mincome project doortrekken naar Nederland anno 2014? Samen met econoom Marcel Canoy, voormalig adviseur van Barroso, berekent Tegenlicht wat invoering zou kosten: is het haalbaar en betaalbaar? En we nemen een kijkje bij de Vereniging Basisinkomen, waar twee generaties elkaar vinden in de eerste kiemen van wat onze sociale toekomst zou kunnen worden.
Regie: Shuchen Tan
Research: William de Bruijn
Productie: Marie Schutgens en Jessica van Beek
Eindredactie: Henneke Hagen en Frank Wiering
Animaties: Rogier Klomp
Tegenlicht - Zero days
VPRO, 11-okt-2014
Tegenlicht neemt je mee in de handel van 'zero days', onbekende lekken in software of op het internet. Een strijd tussen 'white hat' en 'black hat' hackers bepaalt onze online veiligheid.
Er is nieuw goud aan te boren via het internet en mogelijk in uw computer. Wereldwijd zijn hackers op zoek naar nog niet ontdekte lekken in websites en software, zogenaamde “zero-days”: geheime achterdeurtjes op uw computer die u onmogelijk kunt afsluiten omdat er nog geen sleutel voor is. Die lekken worden verhandeld voor astronomische bedragen.
In de cyber-wereldhandel, waar geen regels gelden, heeft u geluk met “white-hat” hackers die waken over uw online veiligheid. Maar hun tegenhangers, de zogenaamde “black-hat” hackers, hebben belang bij een onveilig internet en verkopen veiligheidslekken aan de hoogste bieder. Zij zijn de hofleveranciers van veiligheidsdiensten en cyberdefensie. Wie zijn deze witte en zwarte tovenaars, die een strijden om de heilige graal voor hackers: zero-days?
Tegenlicht sprak o.a. met Ronald Prins, de oprichter van Fox-IT, het cyberbeveiligingsbedrijf dat de Nederlandse overheid tot haar klanten rekent; met cyberkolonel Hans Folmer, commandant van de Taskforce Cyber van Defensie en met de Finse virusjager Mikko Hyppönen, die veel onderzoek deed naar zogenaamde internetwormen en andere online wapens in de nieuwe wereld van de cyberoorlog. Ook kregen we Hacking Team voor de camera, een Italiaans bedrijf dat afluistersoftware maakt voor overheden.
Ex-hacker Katie Moussouris is een grote speler op de witte markt voor veiligheidslekken. Ze zette een beloningenprogramma voor hackers op bij Microsoft en werkt nu voor HackerOne, waar white-hat hackers kwetsbaarheden kunnen melden in ruil voor prijzengeld. Op het grootste hackerscongres ter wereld, DefCon, ontmoeten we Charlie Miller, die als eerste de iPhone en de MacBookAir hackte en toegeeft weleens voor $70.000 een lek aan de NSA verkocht te hebben. Joshua Corman, tenslotte, startte I Am the Cavalry: een beweging van ethische hackers, want volgens hem kunnen hackers niet langer a-politiek zijn.
Regie: Hans Busstra
Research: Marijntje Denters
Productie: Marie Schutgens en Jessica van Beek
Eindredactie: Henneke Hagen en Frank Wiering
Tegenlicht neemt je mee in de handel van 'zero days', onbekende lekken in software of op het internet. Een strijd tussen 'white hat' en 'black hat' hackers bepaalt onze online veiligheid.
Er is nieuw goud aan te boren via het internet en mogelijk in uw computer. Wereldwijd zijn hackers op zoek naar nog niet ontdekte lekken in websites en software, zogenaamde “zero-days”: geheime achterdeurtjes op uw computer die u onmogelijk kunt afsluiten omdat er nog geen sleutel voor is. Die lekken worden verhandeld voor astronomische bedragen.
In de cyber-wereldhandel, waar geen regels gelden, heeft u geluk met “white-hat” hackers die waken over uw online veiligheid. Maar hun tegenhangers, de zogenaamde “black-hat” hackers, hebben belang bij een onveilig internet en verkopen veiligheidslekken aan de hoogste bieder. Zij zijn de hofleveranciers van veiligheidsdiensten en cyberdefensie. Wie zijn deze witte en zwarte tovenaars, die een strijden om de heilige graal voor hackers: zero-days?
Tegenlicht sprak o.a. met Ronald Prins, de oprichter van Fox-IT, het cyberbeveiligingsbedrijf dat de Nederlandse overheid tot haar klanten rekent; met cyberkolonel Hans Folmer, commandant van de Taskforce Cyber van Defensie en met de Finse virusjager Mikko Hyppönen, die veel onderzoek deed naar zogenaamde internetwormen en andere online wapens in de nieuwe wereld van de cyberoorlog. Ook kregen we Hacking Team voor de camera, een Italiaans bedrijf dat afluistersoftware maakt voor overheden.
Ex-hacker Katie Moussouris is een grote speler op de witte markt voor veiligheidslekken. Ze zette een beloningenprogramma voor hackers op bij Microsoft en werkt nu voor HackerOne, waar white-hat hackers kwetsbaarheden kunnen melden in ruil voor prijzengeld. Op het grootste hackerscongres ter wereld, DefCon, ontmoeten we Charlie Miller, die als eerste de iPhone en de MacBookAir hackte en toegeeft weleens voor $70.000 een lek aan de NSA verkocht te hebben. Joshua Corman, tenslotte, startte I Am the Cavalry: een beweging van ethische hackers, want volgens hem kunnen hackers niet langer a-politiek zijn.
Regie: Hans Busstra
Research: Marijntje Denters
Productie: Marie Schutgens en Jessica van Beek
Eindredactie: Henneke Hagen en Frank Wiering
Abonneren op:
Posts (Atom)
